Survivor book – Begrippen en Uitleg

  1. Wat is een Hellship?

De term Hellship verwijst naar de schepen die door de Japanse Keizerlijke Marine tijdens de Tweede Wereldoorlog werden gebruikt om geallieerde krijgsgevangenen (POW’s) en burgergeïnterneerden door Azië te vervoeren.

De benaming “Hellship” weerspiegelt zowel de onmenselijke omstandigheden aan boord als het extreme lijden dat de opvarenden moesten doorstaan. Een Hellship was een schip met erbarmelijke leefomstandigheden en een reputatie van wreedheid onder de bemanning.

Gevangenen werden vaak dicht opeengepakt in de ruimen, op reizen die weken konden duren. De schepen waren structureel overvol en velen stierven door verstikking, uithongering of dysenterie, omdat elementaire voorzieningen zoals voedsel, drinkwater, sanitaire faciliteiten en medische zorg ontbraken. De namen van Hellships bevatten vaak het woord Maru, het Japanse woord voor schip.

Veel Hellships waren niet gemarkeerd. De Japanse autoriteiten weigerden het voeren van de witte vlag met het rode kruis — zoals voorgeschreven door de Geneefse Conventie — omdat dit als een teken van zwakte werd gezien. Het voeren van deze vlag had geallieerde onderzeebootcommandanten kunnen laten zien dat deze schepen vol POW’s zaten, wat het aanvallen ervan mogelijk had voorkomen en tienduizenden levens had kunnen redden.

Hellships vormen een cruciaal, maar lang onderbelicht onderdeel van de Japanse oorlogsmisdaden.

  1. Waarom waren er Hellship-transporten?

Na de capitulatie van Nederlands-Indië arresteerden de Japanners de zogenoemde ‘blanke’ bevolking op de Indonesische eilanden en plaatsten hen in kampen als ‘geïnterneerde burgers’. Het ging hierbij vooral om Nederlanders, Amerikanen, Britten en Australiërs — militairen én burgers.

Naarmate de oorlog vorderde, besloot Japan deze geïnterneerden in te zetten als krijgsgevangenen voor dwangarbeid. Zij moesten werken in kolenmijnen of aan de aanleg van spoorlijnen, bedoeld om het transport van kolen en ander oorlogsmaterieel te verbeteren en zo de Japanse oorlogsinspanningen te ondersteunen.

  1. Wie werden vervoerd op Japanse Hellships?

Om de krijgsgevangenen in te zetten voor arbeid aan spoorlijnen en in mijnen, werden zij weggevoerd uit de relatieve beschutting van gevangenkampen. Samen met opgepakte romusha’s werden zij naar werkkampen getransporteerd.

Vanaf mei 1942 begon Japan met grootschalige zeetransporten van POW’s naar dwangarbeiderskampen in onder meer Japan, Taiwan, Mantsjoerije, Korea, de Molukken, Sumatra, Birma en Siam (Thailand).

  1. Wat is een romusha?

Om het aantal dwangarbeiders te vergroten, ronselden en ontvoerden de Japanners grote aantallen Aziatische arbeiders, die zij romusha’s noemden. Romusha was oorspronkelijk het Japanse woord voor arbeider.

Het betrof mannen en jongens die doorgaans nog slechter werden behandeld dan de krijgsgevangenen. Hun behandeling was vaak ronduit onmenselijk. Zij werden meestal gescheiden gehouden van de POW’s.

In totaal werden ongeveer 120.000 Javaanse dwangarbeiders en 5.000 POW’s naar Sumatra gestuurd om aan de spoorlijn te werken. De meesten kwamen terecht aan de Pekanbaru (Pakan Baroe) spoorlijn. Een klein aantal werd ingezet in andere delen van het eiland, zoals bij Medan en Bukittinggi.

Door extreme mishandeling, ziekte en verwaarlozing overleefde slechts circa 20% van de romusha’s hun tweeënhalf jaar durende arbeid aan de spoorlijn.

  1. Hoeveel mensen werden vervoerd op Hellships?

Het exacte aantal is niet met zekerheid vast te stellen en wordt nog onderzocht door de Stichting Herdenking Slachtoffers Japanse Zeetransporten (SHSJZ). Wel is duidelijk dat meer dan 100.000 mensen werden vervoerd op Hellships. Sommigen maakten meerdere overtochten.

Er vonden ongeveer 350 zeetransporten plaats met 182 Hellships. Tussen 1942 en 1945 kwamen meer dan 22.000 mensen om het leven aan boord van Japanse Hellships in Zuidoost-Azië.

Het grootste verlies aan mensenlevens vond plaats op de Junyo Maru.

  1. Wat was de Junyo Maru?

De Junyo Maru was een Japanse Hellship die op 18 september 1944 door een Britse onderzeeboot werd getorpedeerd voor de kust van Sumatra. Het schip zonk binnen vijftien minuten.

Aan boord bevonden zich meer dan 6.500 mensen, onder wie duizenden geallieerde krijgsgevangenen (POW’s) en Indonesische dwangarbeiders (Romusas). Meer dan 5.600 mensen kwamen om het leven, waarmee dit een van de dodelijkste maritieme rampen van de Tweede Wereldoorlog is.

Ter vergelijking: bijna vijf keer zoveel mensen stierven op de Junyo Maru als op de Titanic.

De overlevenden werden gedwongen hun gevangenschap voort te zetten en velen werden naar werkkampen op Sumatra gestuurd. Hoewel het directe overlevingspercentage na het zinken onder de POW’s relatief hoog was, leidde de slechte lichamelijke toestand en het gebrek aan zorg na aankomst ertoe dat uiteindelijk slechts circa 15% van de overlevenden in leven bleef.

De ramp met de Junyo Maru is tot op heden een van de minst bekende massarampen van de oorlog.

  1. Wat waren Japanse Hellships?

Japanse Hellships vormden een netwerk van transportschepen die werden gebruikt om POW’s en burgergeïnterneerden tussen bezette gebieden te verplaatsen. In tegenstelling tot beschermde hospitaalschepen of officiële gevangentransporten waren deze schepen niet gemarkeerd, in strijd met internationale verdragen.

De omstandigheden aan boord waren extreem: overbevolking, ziekte, honger en mishandeling kwamen veelvuldig voor. Sterfte tijdens transport was eerder regel dan uitzondering, zelfs voordat schepen werden aangevallen of zonken.

De Hellships tonen de systematische verwaarlozing en ontmenselijking van gevangenen binnen het Japanse oorlogssysteem.

  1. Wat was de Pakan Baroe (Pekanbaru) spoorlijn?

De Pakan Baroe spoorlijn (ook geschreven als Pekanbaru Railway) was een spoorlijn op Sumatra die tijdens de Japanse bezetting werd aangelegd met dwangarbeid.

Duizenden geallieerde POW’s en tienduizenden Indonesische dwangarbeiders (Romusas) werden onder extreme omstandigheden tewerkgesteld. Ziekte, uithongering en geweld eisten een enorme tol aan mensenlevens.

De spoorlijn was bedoeld ter ondersteuning van de Japanse logistiek, maar werd nauwelijks gebruikt voordat de oorlog eindigde. Tegenwoordig geldt zij als een van de dodelijkste dwangarbeidsprojecten van de Tweede Wereldoorlog.

  1. Wat waren Japanse POW-kampen in Nederlands-Indië?

Tijdens de Japanse bezetting van Nederlands-Indië (het huidige Indonesië) werden geallieerde militairen en burgers opgesloten in Japanse krijgsgevangenen- en interneringskampen.

De omstandigheden waren zwaar: gebrek aan voedsel, dwangarbeid en frequente mishandeling waren aan de orde van de dag. Zowel militairen als burgers — waaronder vrouwen en kinderen — werden vastgehouden. De sterftecijfers waren hoog, vooral onder degenen die werden ingezet bij arbeid aan spoorlijnen, mijnen en vliegvelden.

Deze kampen hebben diepe sporen nagelaten in het leven van duizenden Nederlandse, Britse, Australische en andere geallieerde families.

  1. Wat was de Struiswijk-gevangenis in Batavia?

De Struiswijk-gevangenis was een detentiecentrum in Batavia (het huidige Jakarta) dat door de Japanse bezetter werd gebruikt voor de opsluiting van burgers en politieke gevangenen.

Veel geïnterneerden werden later overgebracht naar POW-kampen of dwangarbeidsprojecten elders in Zuidoost-Azië. Voor velen markeerde Struiswijk het begin van jarenlange gevangenschap, ontwrichting en ontbering.

Struiswijk vormt het hart van het verhaal Survivor, waarin Willem zijn tijd daar beschrijft, de mensen die hem inspireerden en hoe hij zijn eigen moraal — en die van zijn medegevangenen — wist hoog te houden.

  1. Wat was POW-dwangarbeid op Sumatra?

POW-dwangarbeid op Sumatra bestond uit de systematische inzet van geallieerde krijgsgevangenen bij grootschalige bouwprojecten, met name de Pakan Baroe spoorlijn.

Gevangenen werden blootgesteld aan extreem zware arbeid, ondervoeding, tropische ziekten en geweld, vaak zonder medische zorg. Het sterftecijfer was hoog; overleven hing af van veerkracht, onderlinge steun en toeval.

Deze werkkampen illustreren de ernstige uitbuiting van krijgsgevangenen onder Japans bewind.

  1. Wat is de Stichting Herdenking Slachtoffers Japanse Zeetransporten (SHSJZ)?

De Stichting Herdenking Slachtoffers Japanse Zeetransporten (SHSJZ) is een Nederlandse stichting die zich inzet voor de herdenking van slachtoffers van Japanse zeetransporten tijdens de Tweede Wereldoorlog.

De stichting ondersteunt onderzoek, educatie en herdenkingsactiviteiten rond Hellships en maritieme POW-geschiedenis, en draagt bij aan het behoud van ooggetuigenverslagen en historisch materiaal.

SHSJZ heeft een belangrijke rol gespeeld in het vergroten van de bekendheid van rampen zoals het zinken van de Junyo Maru.

Willem Punt was jarenlang de pater familias van de overlevenden: hij was lange tijd de enige bekende overlevende die actief kon getuigen over zijn ervaringen aan boord van de Hellship.

  1. Wat is Bronbeek?

Bronbeek is een nationaal museum en herinneringscentrum in Nederland, gewijd aan de koloniale en militaire geschiedenis van het land.

Het speelt een belangrijke rol in het levend houden van de herinnering aan de Tweede Wereldoorlog in Azië en organiseert regelmatig tentoonstellingen, lezingen en herdenkingen rond de Japanse bezetting, POW-ervaringen en de naoorlogse verwerking.

Bronbeek vervult een essentiële educatieve en herdenkingsfunctie voor huidige en toekomstige generaties.

  1. Welke herdenkingen vinden plaats in Bronbeek?

Jaarlijkse herdenkingen in Bronbeek – Tweede Wereldoorlog

  1. Herdenking Birma–Siam & Pakan Baroe spoorwegen
    Een jaarlijkse herdenking voor de slachtoffers en dwangarbeiders van de Birma–Siam- en Pakan Baroe-spoorlijnen, aangelegd onder extreme omstandigheden tijdens de Japanse bezetting. Deze herdenking benadrukt de ervaringen van POW’s en romusha’sop deze dodenspoorlijnen.
  2. Herdenking Jongenskampen en Vrouwenkampen
    Deze herdenking eert de mannen, vrouwen en kinderen die geïnterneerd waren in Japanse burgerkampen tijdens de bezetting van Nederlands-Indië.
  3. Herdenking Japanse Zeetransporten
    Een herdenking ter nagedachtenis aan de slachtoffers van Hellships en Japanse zeetransporten, waaronder de ramp met de Junyo Maru. Deze vindt vaak plaats rond 21 september in Bronbeek.

Daarnaast zijn er verwante activiteiten, zoals:

  • de tijdelijke tentoonstelling Hellships, gevangen op zee
  • symposia en herdenkingsbijeenkomsten georganiseerd door onder meer SHSJZ
  1. Wanneer vinden de herdenkingen in Bronbeek plaats?

Belangrijke data die regelmatig worden aangehouden:

  • 15 augustus – Nationale herdenking van het einde van de oorlog tegen Japan (Indiëherdenking), vaak ook lokaal herdacht in Arnhem en Bronbeek
  • Augustus en september – De kernperiode waarin de meeste herdenkingen plaatsvinden, doorgaans tussen half augustus en eind september